Dansers Introdans verwerken pittige sex in eigen choreografie


Introdans staat bekend als een gezelschap dat voor een breed
publiek wil werken. Een voorstelling is altijd een feestelijk ervaring. "We
willen dat het publiek met een prettig gevoel naar huis gaat," vertelde zakelijk
directeur Ton Wiggers vaak in interviews. Afwisselend is het zeker. Introdans
maakt gebruik van een brede schakering van choreografen. Je ziet nieuwe
elementen langskomen, soms is de dans strak en abstract, soms juist theatraal
en verhalend. Een voorstelling kan je verwonderen maar nooit shockeren. Tot afgelopen
vrijdagavond.

In Dansersmaken 2013 tonen vijf dansers van Introdans eigen
choreografieën, geïnspireerd door het thema Fetishism in Fashion, het
hoofdthema van de zojuist gestarte Modebiënnale. Ondersteuning kregen ze
daarbij van artistiek directeur van Generale Oost, Eve Hopkins. Zij begeleidde
de dansers en gaf dramaturgische adviezen. Met fetisjisme kan je veel kanten
op. Een fetisj is een afgodsbeeldje. Bij mode denk je dan aan passie voor
bepaalde kleding of schoeisel. Dat komt wel terug in, maar het merendeel van de
dansen van de nieuwe jonge choreografen gaan over sexfetisjisme, ofwel sadomasochisme.
Het is even wennen aan deze nieuwe lichting choreografen, die een grens
overschrijden door heel expliciete seks in hun dansen te verwerken. In de kleine
zaal van Schouwburg Arnhem zit je dicht op de dansers. Soms kijken ze je heel
direct aan en de beleving van de dans is daarom heel intens. Je voelt je een
voyeur, maar kan er niet aan ontkomen. Toch is er ook een enorme schoonheid aan
bewegingen. In Let us be van Aymeric
Aude is er een afwisseling van rustige dagelijkse bewegingen naar explosieve
vrolijke dans. Huilen en lachen ligt dicht bij elkaar. Aan het einde gebruikt
hij muziek uit de Matthäuspassion en dat wringt als de dans flink erotisch is
getint.  De choreografie van Karin Lambregtse
is vervat in een film. Het gaat nauwelijks over dans en zou op een filmfestival
misschien goed scoren. Het gaat wederom over SM, al kan je je afvragen of ze
geen misbruik en dwang verbeeldt. Laurent Drousies balletten zijn van een
andere orde. Mooi is Labruyere, een
verbeelding van het vooroorlogse 'Cabaret' op muziek van Edith Piaf. Drousie
staat het dichtstbij de introdans traditie, en bevestigt met zijn drie nieuwe choreografieën
zijn grote klasse.

Gezien in schouwburg Arnhem op 7 juni
blank.jpg